We hebben hier te maken met een pure Nerello Mascalese, een uiterst spannende autochtone druivensoort uit Sicilië.
De wijnstokken zijn tussen de 70 en 130 jaar oud en komen uit verschillende wijngaarden. Dit is echter niet in klassieke zin een tweede wijn, maar gewoon een wijngaard-cuvée; bij Passopisciaro wordt dit vergeleken met een groot orkest dat het hele terroir moet vertegenwoordigen en daardoor voor een bijzondere complexiteit zorgt. 40 procent van de druiven komt uit de Contrada Guardiola.
15 dagen gisting in roestvrijstalen tanks, daarna een rijping van 18 maanden in grote eikenhouten vaten en grote betonnen tanks. Net als bij de rijping van de Contrada-wijnen wordt de wijn hier om de twee maanden overgeheveld en wisselt tussen groot hout en beton.
Middelmatig robijnrood met een vleugje oranje. Een ongelooflijke explosie van kruiden komt je neus binnen. BAM! Kruidnagel, zout, jodium, gember, groene tabak, rook. Kers en zachte rode vruchten liggen eronder. De wijn ruikt zo zout als de zee, maar ook lavendel en geraniums komen door. In de mond rollen ultra veel tannines van poedersuikerachtige fijnheid over de tong. Ook hier komt weer veel kruidigheid bij. Van kruiden en kerrieblaadje tot verwarmende gember. Enorm veel frisheid en spanning in de mond.
Idealiter heeft deze Passorosso nog 1-2 jaar nodig in de kelder – je kunt het potentieel van de complexe introductie in de wereld van Passopisciaro-wijnen al vermoeden – dit is pure vreugde.